Trongsa

 
Zaterdag 23 februari 2013

In ongeveer anderhalf uur zijn we op de Yotongla Pass op 3425 meter om van daaruit af te dalen naar Trongsa. In een ondiepe grot naast de weg boven een watervalletje hangen bijzondere modellen bijennesten, een soort zwammen lijken het wel die verticaal aan de rots hangen.

Even verderop waar we staan te genieten van het uitzicht moeten we opeens bukken omdat een gigantische zwerm bijen besloten heeft vandaag te verkassen.
Ingedoken wachten we tot ze overgevlogen zijn... Trongsa is als dorp ontstaan door de vestiging van een nieuw meditatiecentrum en haar volgelingen. Prachtige vergezichten over de Black Mountains, her en der nogal zwart-wit door de sneeuw, die Nima niet zo hoog vindt met +6000m... Bij de wachttoren van de Dzong, sinds 2008 ingericht als Koninklijk Museum en gesloten vanwege de verjaardag van de koning, worden we gedropt door Ganesh en genieten van het prachtige uitzicht op de Dzong van Trongsa, de langste van het land, met op de achtergrond ons hotel.
Trappen af naar de dzong zelf dat tegenwoordig nog steeds een actief administratief en religieus centrum is. De grootse witte dzong, gebouwd in 1645 ligt prachtig tegen de berg aan en het gele dak is bruinrood geschilderd in de periode dat de huidige koning Penlop (gouverneur) van Trongsa was gedurende 3 jaar vanaf 2004. De kroonprins moet eerst Penlop van Trongsa zijn geweest voor hij überhaupt tot koning gekroond kan worden.
Prachtige binnenplaatsen op verschillende niveaus, fijn houtsnijwerk met kunstige schilderingen. In de tempel is het net thee pauze voor de monniken dus worden we niet geacht naar binnen te gaan. In de tempel hangt de linkerhand van de eerste koning, afgehakt in de oorlog en nu een relikwie om onderdoor te lopen om gezegend te worden (nu alleen nog maar botjes en niet te zien door alle witte sjaals die erom heen hangen).
Nima geeft nog uitgebreid uitleg over de mooie samara-schildering (8-spaken wiel) voor we de dzong verlaten om in te checken in ons hotel Yankhill resort dat aan de overkant op een berg ligt en we dus een prachtig uitzicht hebben op de gehele lengte van het fort.
Lunch in het hotel en via een lokale markt waar sommigen wel heel weinig handelswaar hebben.
een rit van 23 km naar het Shemgang district voor het nonnenklooster Karma Drubdeyling waar we rondgeleid worden door een non die dit jaar als taak heeft bezoekers rond te leiden.
Omdat Nima haar kent wordt dit de tweede tempel waar we mogen filmen en fotograferen (en de laatste) iets wat absoluut verboden is voor buitenlanders (en duidelijk ook niet door iedereen geapprecieerd wordt maar moeder overste is in Delhi). De gevoelige plaat legt buttercakes vast
maar ook de muurschilderingen van de great mediators en beelden van boeddha, guru rinpoche en de groene Tara, godin voor vrouwen (Tara kent 21 verschillende verschijningen!) en de heilige boeken.Deze (120) nonnen krijgen geen cent van de regering (waarom die monniken dan weer wel vraag je je dan af) en hebben het klooster zelf (op)gebouwd. Als je ziet hoe hoog het tegen de berg aan ligt kan je je voorstellen wat een inspanning dat geweest moet zijn.
Alleen al het naar boven sjouwen van materialen! Momenteel zijn er 120 nonnen en worden ze gesponsord door 5 Amerikanen. De meditatieruimten nog hoger tegen de berg aan kunnen we niet bezoeken want er zijn 16 nonnen in meditatie (van 3 jaar 3 maanden 3 dagen voor volledige meditatie tot 1 jaar om te mediteren en te beloven dat ze nooit zullen trouwen). Op de thee bij de zeer gastvrije nonnen die daarbij kleine snacks serveren als biscuits, geroosterde rijst en geplette mais en horen we dat een bus Duitsers hun ‘sponsorwinkelwaar’ allemaal heeft opgekocht, helaas voor ons.

Nima vindt weer een onmogelijk paadje naar beneden waar het Kuenga Rabten Paleis staat hetgeen de favoriete vakantieplek was voor de 2e Koning Jigme Wangchuk.

Nu is het een klooster en we aanschouwen rustig zittend op het grasveld in de zon het verdelen van het avondeten door de zeer jonge kook-monnik. Als je hebt gekookt schep je ook op en eet je pas al iedereen klaar is. De jonge monniken eten als beren (ze krijgen twee keer per dag een maaltijd, meer budget is er niet) en stralen als de kok onze handvol ballonnen uitdeelt die overigens meteen verstopt worden als de meester naar buiten komt...
Net buiten het klooster staan 3 mannen te boogschieten over een afstand van 100 m...dat je het kan zien op die afstand want deze roos is bijzonder klein! Kinderen spelen op het veld en wij staan er vlak naast hetgeen geen gevaar is met deze precisie schutters!
Bumpy terugslingeren naar het hotel dat ondertussen aardig vol gelopen is met toeristen en ja hoor, het eerste buffet is een feit...valt meteen tegen...zeker gecombineerd met een stel Zwitsers die volgens ons hier werken aan het stuwdam project (waterkracht capaciteit is nu 20.000 megawatt waarvan Bhutan zelf 8-10 megawatt voor nodig heeft en de rest naar India exporteert. India heeft behoefte aan meer en investeert dan ook zelf aan uitbreiding en service in Bhutan) en zich als harken gedragen tegenover het (zeer buigzame) personeel. Maar lekker vroeg naar bed in onze prima kamer!