Luang Prabang

 
10 februari 2012

Om 8 uur staan we paraat bij het ticketoffice voor onze transfer naar het busstation waar we de minivan naar Luang Prabang nemen (7 uur- 120.000 kip p.p.) en uiteindelijk om 9 uur vertrekken. Prachtige rit, alhoewel de chauffeur overal doorheen scheurt, met Bram lekker voorin en ik achter de chauffeur zoals bedongen bij het kopen van het ticket...front sit... Na een plaspauze en een broodjesstop zijn we om half 4 in Luang Prabang en nemen met nog een paar de tuktuk(10.000 pp) naar de guesthouse Hoxieng die we gisteravond nog even geboekt hebben voor de twee komende nachten. Vlakbij het postkantoor maar er is wat verwarring of het I of II is en het probleem ligt voornamelijk in het verschil in prijs, $20 per nacht! We roepen dat we wel verkassen naar I en mogen dan blijven voor $10 extra voor de twee nachten...het is hier weer warm dus lekker even afkoelen op de kamer en installeren. Het is in ieder geval een heel gezellig straatje!

11 februari 2012

Lekker rustig aan vanochtend en om 9 uur op zoek gegaan naar een ontbijttentje die allemaal volle terrasjes hadden. Duurde uiteindelijk tot 10 uur voor dat we een prima maar duur ontbijt (25000 kip pp) achter de kiezen hadden. Het begint alweer behoorlijk op te warmen en we besluiten voor sluitingstijd (half 12) eerst het voormalige koninklijk paleis te bezoeken wat ingericht is als museum met spullen van het koninklijk huis. Luang Prabang is heel overzichtelijk en alles is makkelijk te voet te doen. De entree bedraagt 30.000 kip pp en je moet je camera en tas in een locker achterlaten. Zeker de moeite waard van binnen waar je elke slaapkamer, de bibliotheek en troon-, kroon- en ontvangstzaal kan zien die nog volledig ingericht zijn en vitrines met mooie boeddha’s hebben. Overal veel foto’s en schilderijen van de koninklijke familie. Ook een uitgebreide zaal van de secretaris met alle geschenken van andere landen en gangen met bronzen tamboers. Het verhaal van prins Wetsavanat wordt helemaal uitgebeeld en dat ga ik toch eens opzoeken...had er nog niet over gehoord en is wel bijzonder. Buiten staat een kopie van het beeld van koning Sisavang Vong waarvan we het origineel in Vientiane zagen tegenover een tegenover een nieuwe tempel waar uiteindelijk de gouden boeddha (=Prabang) in moet komen te staan die nu nog in het paleis staat. Achter het paleis is nog een foto tentoonstelling over monniken en de ‘garage’ met de koninklijke auto’s en speedboot.

We zijn keurig om half 12 buiten de poort en beginnen aan de klim van heuvel Phousi (20.000 kip pp) na een vluchtige blik op Wat Pa Houak met mooi houtsnijwerk aan de buitenkant en muurschilderingen van binnen. Erg klein watje... Het is duidelijk midden op de dag(34 graden) en we zijn kletsnat als we de 328 treden achter de kiezen hebben en bovenop bij de That Wat Chomsi, een 20 meter hoge stoepa, staan. Je hebt van hier een mooi overzicht over de stad. Om 12 uur beginnen twee novicen op de grote trom te slaan en je knalt bijna van de berg af! We dalen af aan de andere kant via Wat Tham Pousi en komen uit bij de rivier Nam Khan. Precies de goede kant om de Tamarinde op te zoeken om een kookcursus te boeken voor maandag. Doorgestoken naar de Mekong en daar op een heel rustig terasje een baguette gegeten en opgedroogd...
Middagprogramma begint bij Wat Xieng Thong (20.000 kip pp) waarvan het hoofdgebouw momenteel gerestaureerd wordt dus de heilige boeddha die elk jaar met nieuwjaar naar buiten wordt gedragen staat nu te verstoffen naast de steiger. In de Rode kapel ernaast, gebouwd voor de 2500e verjaardag van Boeddha in 1957 ligt een oude boeddha en de wanden zijn prachtig versierd met sjablonen met bladgoud. Buiten rondom heel mooi glasmozaiek en op de achterkant de boom der Verlichting. Een tweede kapel herbergt de lijkpraalwagen met urn van de koning, een tiental meters hoog en met drakenkoppen versierd rijdend op luchtbanden. Nogal protserig! Lopend door Sisavang Vong street ontdekken we veel tentjes met ontbijt en broodjes waar we vandaag naar op zoek waren...en komen bij Wat Sene Soukharam, de tempel van de 100000 schatten. Wat Mai verderop in Sisavang Vong road is de laatste tempel vandaag waar we ons weer uit de schoenen pellen (10.000 kip pp) maar zeker de moeite waard. Erg mooie tempel met meteen weer de serene rust zodra je binnenstapt. Hier wordt de gouden boeddha aan de massa getoond ter gelegenheid van het nieuwe jaar. Net als bij de vorige Wat een reuzegrote prauw (25 meter voor 50 roeiers!). Op de 1e dag van de nieuwe maan in augustus of september wordt het feest van de prauwen gevierd met een regatta van 17 grote prauwen (voor elke tempel eentje) op de Nam Kane. Terug naar het hotel om even de voeten rust te gunnen voor we gaan slenteren op de avondmarkt van de Hmong (ambachtmarkt) en bovendien begint het licht te spetteren en horen we onweergerommel. Vanavond eten aan de Mekong en boottocht naar de Pak Ou grotten voor morgen zien te regelen... Lekker gegeten bij Tamtam guesthouse aan de avondmarkt met een voor mij een or lam van kip (typisch Luang voer) en Bram een lap van kip.
12 februari 2012

Wekker staat vroeg want om kwart voor zes moeten we langs de weg staan voor de reras, de bedelronde van de monniken. Ze komen uit alle tempels blootsvoets de stad doorkruisen met hun voedselmanden bedelend om kleefrijst en vruchten. De bevolking zit op matjes op de knietjes en doet in elke mand die wordt voorgehouden wat hij of zij voor handen heeft. Verkoopstertjes schieten op je af als je je neus laat zien om ‘food for monks’ te verkopen en hun matje voor je te spreiden. Aangezien het als aalmoes gegeven gezien wordt in dit godsdienstige ritueel en je als niet-boeddhist niet geacht wordt te geven laten we dat aan ons voorbij gaan. Helemaal met de wetenschap dat de monniken het toch al geen feest vinden dat ze steeds meer een toeristische attraktie worden. Het meisje van het guesthouse zei ook niet te ver te gaan omdat het langs de hoofdstraat zwart ziet van de mensen...gouden tip, we krijgen een goed beeld met maar een handjevol toeristen om ons heen. Om 7 uur ontbijten bij Joma om de hoek en ik nog een tukje gedaan terwijl Bram las. Spullen gepakt want we moesten verkassen naar Mekong Moon Inn, een blok verder.

We lopen richting steiger en een Lao springt voor ons en vraagt of we niet mee willen met zijn boot naar Pak Ou. Beetje onderhandelen en voor 300.000 kip neemt hij enkel ons twee mee op zijn slow boot. 2 uur heen, stop in Whiskey village (Ban Xan Hai) hetgeen wij Weavervillage herdoopt hebben en ons veeeel te toeristisch was, Pak Ou grot en weer een uur terug varen voor de zonsondergang om 6 uur voor het centrum. Was een lekker tochtje maar om nou te zeggen dat je het leven bij en langs de Mekong goed ervaart? Gebeurt gewoon niet zoveel...Mooi gebied met karstgebergte en veel verschillende boomsoorten, zeer weinig vogels of ander leven (Lao eten alles wat beweegt) en Mekong komt zelfs met zijn lage waterstand als een zeer indrukwekkende rivier over. De boot legt aan bij een bamboesteiger die overgaat in een soort van jerrycan steiger die Bram al knikkende knieen geven. De stenen trap naar de grot van Wat Tham Ting blijkt een stap te ver voor hem en ik breng hem terug naar de boot. De eerste (stalactieten) grot heeft honderden boeddha’s (hebben lang geen plumeau gezien) en is een pelgrimsoord dat jarenlang door kluizenaars werd bewoond. Tijdens de nieuwjaarsfestiviteiten worden er beelden aangedragen zodat ze ondertussen bijna gestapeld zijn. Ik beklom de trappen naar de grot van Wat Tham Poum, vreselijk warm, die de Centrale grot genoemd wordt met duizenden boeddha’s in spleten en holten in de rots. Zaklantaarn hard nodig want het is stekedonker. (Pak Ou 20.000 kip pp). Rustig met de stroom mee teruggevaren en nu zijn er meer vissers en wierzoekers bij en op de Mekong. De zonsondergang valt door de bewolking ‘in het water’ maar we gaan lekker eten bij Mekong Fish Restaurant op een terras aan de Mekong en de electriciteit valt maar 1 keer uit...zit je wel meteen werkelijk in het pikkedonker! Bram valt terug op de altijd goede sweet en sour porc en ik probeer Mok, Lao food, van Mekongvis, een gerecht gestoomd in bananenblad. Vanwege de wierzoekers langs de Mekong moeten we ook maar eens het gefrituurde wier met sesam proberen hetgeen wel lekker is maar zeer vet! We rollen om van de slaap en zo ons ‘nieuwe’ bed in...
13 februari 2012

Vandaag hebben we kookcursus bij Tamarind, gegeven door Joy, een ex-monnik. Na een lekker ontbijtje staan we keurig om tien voor negen op de stoep voor de welkomsthee waarna we met de tuktuk vertrekken naar de Pousi-markt (waar we morgen naar toe wilden gaan) voor uitleg over kruiden, groenten en vreemde sausjes, koekjes en eieren met kuikens erin van verschillende dagen oud (bijv. Een ei met een 1 is ongeveer half kuiken half ei, met een 2 is al meer kuiken enz,). Joy geeft uitleg en laat ons dingen proeven zodat het ook leuk is om wat te kopen nu je weet dat het smaakt (en geen spin is of zo). Weer in de tuktuk naar de buitentuin van Tamarind waar alles al klaar staat en de houtskool heet ligt te gloeien. Weer (lemongrass) thee en achter elkaar maken we verschillende gerechten. Eerst de sticky rice (Khao Niaow), het nationale eten van Laos, met een Jeow Mak Keua (aubergine dip die ik maak) of een Jeo Mak Len (Lao tomato salsa) die Bram maakt. Bij alles wat we maken mag je zelf kiezen hoe scherp je het maakt, maw welke kleur chilipeper je gebruikt en hoeveel. Als je het straks maar opeet... Daarna volgt de Mok Pa (leuk omdat ik dat gisteravond gegeten heb en zo lekker vond), Ua Si Khai (gevuld lemongrass) wat Bram een rotrecept vindt omdat je een soort kooitje uit het lemongrass moet fabriceren en Orlam waarbij we deze keer kiezen om die van buffel te maken. De tafel is gedekt en het wordt heel stil als iedereen proeft wat je gefabriceerd hebt. Lekker! We dachten dat we er al waren maar het dessert Khao Gam (paarse kleefrijst met kokosnoot saus en fruit) moet ook nog klaargemaakt worden. De tuktuk brengt ons terug naar Tamarind en we kunnen terugkijken op een leuke, weer totaal andere dag!

14 februari 2012

Om 4 uur worden we bijna ons bed uitgetrommeld door de monniken aan de overkant van de weg. Vanwege Valentijnsdag zeker? Getrommel en bellen...de ruiten trillen in de kozijnen!

Wat wordt het vandaag? Veel Watten en wat warm...warmste dag van de week... We beginnen bij Wat Choum Kong met twee Chinese beelden voor de ingang, steken door naar Wat Xieng Mouane. Van beide Watten zijn de heiligdommen gesloten en zelfs bij de oude ambachtsschool voor jonge monniken komen we er niet achter waarom... de meeste heiligdommen blijven echter vandaag dicht en ook het Royal Palace. We kopen de boeddha met geheven handen (stop de watervloed en stop het vechten) in het winkeltje van de school. Uniek exemplaartje dus gemaakt door een monnik en tevens voor het goede doel. Achter WatXieng Mouane ligt het houten huis Xieng Mouane wat men een geslaagd voorbeeld van restauratie van een tradiotioneel houten huis noemt. Dan wel eentje van een gegoede familie lijkt ons... Wat Pa Phai ligt in alle rust te wachten naast de drukke Sisavang Vong street en heeft mooie fresco’s op de buitengevel met het leven van boeddha. Ook nare taferelen van mensen bij wie de tong wordt uitgesneden of vuur naar binnen wordt gegoten... zullen niet genoeg verdiensten gedaan hebben? Doorgestoken naar Phousi road aan de Nam Kane onderweg naar Wat Aham die wel open is (20.000 kip pp) maar de meneer is onaangenaam en we besluiten geen ticket bij hem te kopen voor dit kleine, niet echt belangrijke heiligdom. Stukje terug voor een hamburger en biertje, ook wel weer eens lekker tussen alle noodles en rijst door en naar Wat Visoun (20.000 kip pp) hetgeen de oudste tempel is van Luang Prabang en de restauratie werkzaamheden zijn in april 2011 afgerond (kan je de rest van de rommel toch ook wel even in een schuurtje leggen toch?). Mooie tempel met zware donkere stenen pilaren en prachtige boeddhabeelden voornamelijk in de Calling for Rain en Stop fighting mudra. Er tegenover staat de That Mak Mo, een stenen stoepa met een gekke meloenvorm. Onderweg kopen we twee handen van Boeddha...van hout...

Terug richting de Mekong liggen er nog twee Watten op onze weg : Wat Hoisang Voravihane, indrukwekkend grote tempel met veel versieringen en naga-leuningen langs de grote trappen. Doorsteek naar Wat That wat een prachtige afsluiting blijkt te zijn met prachtige bas-reliefs met houtsnijwerk van allerlei mensenlijke (enbovenmenselijke ) taferelen.

Spullen pakken voor morgen en lekker weer eten bij ons favouriete tentje aan de Mekong, Lamache...